Imagineering als hefboom voor maatschappelijke transformatie
Prof. Diane Nijs over de kracht van collectieve verbeelding bij complexe uitdagingen

Twintig jaar geleden werd imagineering nog gezien als een creatieve discipline voor de vrijetijdssector. Dat beeld kantelt nu in hoog tempo. In een recente lezing ter gelegenheid van het twintigjarig bestaan van de masteropleiding Imagineering aan Breda University of Applied Sciences schetste prof. Diane Nijs hoe imagineering zicht tot buiten de leisuresector heeft ontwikkeld. "Imagineering is niet een leuk extraatje,” zegt Nijs. "Het is de dynamische infrastructuur van elk menselijk systeem dat wil blijven bewegen.”
Toen imagineering twintig jaar geleden begon, werd het vooral gezien als een discipline voor entertainment, hospitality en experience design. "Belangrijk, natuurlijk,” zegt Nijs, "maar perifeer aan de echte wereld van organiseren en besturen.” Dat beeld is volledig aan het kantelen. "Het is de dynamische infrastructuur van elk menselijk systeem dat gebonden is te evolueren.”
Complexe versus gecompliceerde vraagstukken
De urgentie van die claim wordt duidelijk wanneer Nijs het verschil uitlegt tussen gecompliceerde en complexe problemen: een onderscheid dat centraal staat in de opleiding. Gecompliceerde systemen, zoals een straalmotor of een belastingwetgeving, zijn moeilijk maar uiteindelijk kenbaar. Met voldoende expertise kunnen ze worden geanalyseerd en opgelost; het juiste antwoord bestaat ergens. Complexe systemen werken fundamenteel anders. "Een stad, een zorgorganisatie, democratie, het opvoeden van kinderen, dat zijn levende, adaptieve, zelforganiserende systemen,” legt Nijs uit. "Je kunt ze niet oplossen. Je kunt ze alleen begeleiden, hun evolutie behartigen.” Zij gebruikt bewust het Nederlandse woord behartigen: iets met zorg vasthouden in plaats van te beheersen. "Het grootste deel van de menselijke geschiedenis hebben we complexe uitdagingen behandeld alsof ze gecompliceerd waren,” vervolgt zij. "Dat was een historische vergissing. Geen moreel falen, maar een fundamentele fout. En dit is tegelijk de grote kans van vandaag: een categorievergissing corrigeren is iets wat we daadwerkelijk kunnen doen.”
Waarom systemen weerstand bieden
Nijs staat uitgebreid stil bij de vraag waarom zoveel goedbedoelde veranderingen stranden. "Onderwijs wordt hervormd, maar het klaslokaal blijft fundamenteel hetzelfde. Zorginnovaties worden gevierd, maar de ervaring van zorg verschuift nauwelijks. Steden roepen zichzelf uit tot smart, duurzaam, circulair, inclusief, terwijl de realiteit van hun bewoners slechts marginaal verandert. En de Sustainable Development Goals, ondanks ongekende mondiale co-creatie, worden niet gehaald.”
De sleutel tot dit hardnekkige patroon ligt volgens Nijs in het begrip attractor: het zwaartepunt, het magnetische veld dat een systeem in zijn huidige vorm houdt. Zij verwijst naar het werk van Peter Coleman, hoogleraar psychologie en educatie aan Columbia University, die in 2007 de complexiteitswetenschap toepaste op systeemverandering. "Attractors worden niet onderhouden door één grote kracht,” licht Nijs toe. "Ze worden in stand gehouden door de accumulatie van microdynamieken op alle niveaus van het ecosysteem. Kleine interacties, kleine versterkingen, dagelijkse gesprekken die allemaal bestaande patronen bevestigen.” Het optimaliseren van onderdelen, een efficiënter proces hier, een betere afstemming daar, werkt binnen het bestaande attractorlandschap. De diepe patronen blijven intact. "Duurzame verandering is alleen mogelijk door het attractorpatroon zelf te verstoren.” Hier opent zich volgens Nijs een nieuw perspectief. Als attractors worden onderhouden door de optelsom van kleine dynamieken, kunnen ze ook verschuiven door de optelsom van andere kleine dynamieken. "Elk knooppunt in een netwerk is een potentieel kanaal voor een nieuw patroon,” zegt Nijs. "De uitdaging voor governance en leiderschap is dan ook niet om die ene grote hefboom te vinden. Het is om nieuwe microdynamieken op veel punten tegelijk te zaaien.” Dat vraagt om dialogische, generatieve, co-creatieve processen. Niet als één van de vele methoden, maar als misschien wel de enige aanpak die werkt op het niveau waar complexe menselijke uitdagingen leven.
Magic moves: aspiratieve verstoring
Hoe zet je zo'n benadering in werking? Nijs introduceert het concept magic move; een aspiratief ordenend principe dat de weerstand tegen beweging verlaagt én de energie verhoogt. "Een magic move maakt het gemakkelijker voor mensen om naar een nieuwe attractor toe te bewegen dan om in de oude te blijven. Het geeft mensen een reden, inspiratie en motivatie om te bewegen, niet alleen toestemming.”
Een magic move werkt door herkenning: het moment waarop een gemeenschap collectief zegt: Ja, dát willen we worden. In die herkenning beginnen nieuwe microdynamieken zich op te stapelen en begint het attractorlandschap te verschuiven. "Een magic move is richtinggevende uitgangspunt dat het systeem uitnodigt om zichzelf opnieuw te organiseren.” Een magic move:
- verlaagt weerstand,
- verhoogt energie,
- creëert nieuwe micro dynamieken,
- en verschuift zo het attractorlandschap.
Het is geen slogan, geen campagne, geen project. Het is een poëtische uitnodiging die het hele systeem raakt.
Antwerpen: 't Stad is van iedereen
De ontdekking van dit mechanisme door Nijs begon rond de eeuwwisseling in Antwerpen. De stad was verdeeld, geteisterd door een identiteitscrisis en de opkomst van extreemrechts. Antwerpen werd beleefd als betwist territorium; de dominante attractor was fragmentatie, identiteit als conflict. Nijs en haar team experimenteerden met het idee van high-concept thinking uit de entertainmentwereld, maar toegepast op een stad in plaats van een themapark. "De vraag was: welk ordenend principe kan Antwerpen herframen?” Het antwoord werd een poëtische uitnodiging in dialect: 't Stad is van iedereen.
Zestienduizend medewerkers van de stadsdiensten gingen hun dagelijkse werk opnieuw interpreteren vanuit die belofte, in interactie met elkaar. "Elke creatieve parel stond centraal in het jaarlijkse functioneringsproces. Wat ontstond, was magie. Trots steeg met enkele procentpunten in alle statistieken en de stad won diverse internationale awards in de daarop volgende jaren.”
De casus was voor Nijs fundamenteel. "Het was niet zomaar een succesvol project. Het liet ons iets zien dat we niet volledig hadden begrepen: dat collectieve verbeelding strategisch kan worden ingezet voor systeemtransformatie, dat één richtinggevend uitgangspunt, geplaatst op het juiste niveau, duizenden microdynamieken tegelijk in beweging kan zetten.”
Surplus: Zie mij
Die ontdekking werd bewust toegepast bij Surplus, een zorg- en welzijnsorganisatie in West-Brabant. Gedurende zeven jaar praktijkonderzoek werkten drieduizend medewerkers en een even groot aantal vrijwilligers met een tienvoudige cliëntenpopulatie aan een nieuwe cultuur. De bestaande attractor was zorgen voor kwetsbare mensen levens. Begrijpelijk, goedbedoeld, maar uiteindelijk georganiseerd rond afhankelijkheid. "Het systeem reproduceerde afhankelijkheid, omdat het systeem was georganiseerd rond afhankelijkheid,” constateert Nijs.
Door waarderend onderzoeken en geduldig luisteren naar het systeem zelf kwam een nieuw ordenend principe naar boven: Zie mij. Twee woorden die de hele relationele logica veranderden. "Medewerkers begonnen anders te luisteren, cliënten begonnen anders te spreken. Chronische personeelstekorten losten op en de organisatie kon de beste mensen op de markt aantrekken voor welke functie dan ook. Niet omdat ze werden geworven, maar omdat mensen er wilden zijn. De attractor was verschoven. ‘Zie mij’ waren twee woorden die een magic move mogelijk maakten.”
Systeembrede governance
Wat Antwerpen en Surplus met elkaar gemeen hebben, is volgens Nijs dat zo’n grote vernieuwing (een magic move) vraagt om sturing vanuit de hele organisatie of stad. "Het heeft een flexibele ruimte nodig op het hoogste niveau, dus niet op het niveau van één los team, één afdeling of één project.” Die sturing kan er steeds anders uitzien: een landelijke Wet, een slogan die door een hele stad wordt gedragen, of een visie die echt bepaalt hoe een organisatie beslissingen neemt. "De vorm maakt niet uit. Waar het om gaat, is dat de nieuwe spelregel op het hoogste niveau worden vastgelegd. Alleen dan breng je overal in het netwerk kleine, slimme bewegingen op gang. En dat is precies het verschil tussen een tijdelijk project en een échte, blijvende systeemtransformatie. Mensen er wilden zijn omdat ze het gevoel hadden dat ze hier het verschil konden maken als professional.”
Het 3M-kompas: Mindset, Meta-skills, Magic
Om deze inzichten toepasbaar te maken ontwikkelde Nijs met haar team het 3M-framework — niet als recept, maar als navigatie-instrument voor complexiteit.
De eerste pijler is de voorwaardelijke energie, de innerlijke attractor van waaruit wordt gewerkt. "Vanuit een logica van controle kom je nergens,” stelt Nijs. "Je hebt de diepe overtuiging nodig dat een andere logica, die van complexiteit, mogelijk is” De overtuiging dat:
- collectieve intelligentie echt is,
- kleine principes grote bewegingen kunnen starten,
- en dat je werkt met wat wil ontstaan, niet met wat vooraf is gepland.
2 Meta-skills
De tweede pijler betreft de operationele vaardigheden van wat Nijs enabling leadership noemt: leiderschap dat faciliteert in plaats van dicteert. Zij onderscheidt vijf kerncompetenties:
- Waarderen: zien wat leven geeft aan het ecosysteem.
- Bevrijden: diversiteit omarmen en begrijpen waarom die essentieel is voor de vitaliteit van levende systemen.
- Integreren: focussen op de kleinste generatieve interactie met de grootste generatieve kracht.
- Ontwerpen: experimenteren en leren in interactie binnen het ecosysteem.
- Genereren: ondersteunen en stimuleren wat opkomt.
"Dit zijn geen soft skills,” beklemtoont Nijs. "Dit zijn systemische meta-skills. Ze vormen de kern van de job van imagineer.”
3 Magic
De derde pijler is de nieuwe richting zelf: een inspirerende prikkel die mensen echt in beweging brengt met hun verstand, hun gevoel en hun daden. "Het is geen magie, maar zo voelt het wel. Het is een krachtige uitspraak die in één klap de ingewikkelde werkelijkheid samenvat. Het is een uitnodiging die de deur opent naar iets wat niet meer terug te draaien valt.” Zodra dit idee landt, zorgt het bij anderen voor een frisse blik en activeert het nieuwe vaardigheden in het hele netwerk. "Bovendien raakt het alles en iedereen. Het richt zich niet op een los onderdeel, maar op het grote geheel. Dit idee raakt de kern van wat mensen samen bindt, en dat is de plek waar de organisatie écht leeft.”
De vraag die blijft
Nijs stelt dat een dialoog onmisbaar is bij grote maatschappelijke opgaven. De echte vraag is of we het geduld en de durf hebben om systemen los te laten en te vertrouwen op hun eigen, zelforganiserende kracht. Hiervoor moeten we een nieuw ordeningsprincipe op het hoogste niveau durven vastleggen (de magic move). Volgens Nijs is strategische en gezamenlijke verbeelding geen eindstation, maar een levende praktijk die noodzakelijk is om systemen in beweging te houden en te laten evolueren. Haar oproep: "Blijf die vernieuwend beweging maken die de collectieve verbeelding blijvend de ruimte geeft en blijf via generatieve governance behartigen wat emergeert. Magic Moves vormen het startpunt van de beweging, generatieve governance maakt de beweging duurzaam.”





























































