Samen kansen verzilveren voor agrotoerisme

Tijdens de inspiratiedag over agrotoerisme, georganiseerd door het NBTC in Friesland, werd ik opnieuw geraakt door de enorme potentie van de landbouwsector voor recreatie en toerisme. Het enthousiaste verhaal van Boer Bart uit Rotstergaast liet zien dat er volop ideeën zijn, maar dat de sector behoefte heeft aan echte vernieuwing. De zoveelste camperplek of ijsboerderij is niet langer onderscheidend. Juist samenwerking met ondernemers uit de recreatiesector biedt nieuwe kansen: denk aan arrangementen waarbij bezoekers de boerderij kunnen beleven, streekproducten proeven, of activiteiten in het laagseizoen wanneer veel dagrecreatie gesloten is.
Gastheerschap is niet vanzelfsprekend voor iedere boer, maar boeren kunnen wel degelijk bijdragen aan het aanbod door bijvoorbeeld producten te leveren aan de horeca, het landschap te onderhouden en toegankelijk te maken – zoals bij de klompenpaden. Wie kiest voor verblijfsrecreatie, doet er goed aan te investeren in bijzondere concepten die passen bij het DNA van het boerenbedrijf. Geen standaard chalets, maar unieke belevingen die het verhaal van de plek vertellen.
Limburg loopt voorop
In Limburg is VVV Hart van Limburg samen met NBTC Groningen en Flevoland bezig om het bestaande aanbod aan agrotoerisme goed in kaart te brengen. Dit is hard nodig, want juist in onze regio zijn de mogelijkheden groot. De Limburgse boer is niet alleen producent, maar ook beheerder van het landschap en steeds vaker gastheer voor bezoekers. Door samen te werken en kennis te delen, kunnen we het onderscheidend vermogen van Limburg als toeristische regio versterken.
Europese kansen
Ook Europese programma’s zoals LEADER bieden volop kansen. Deze programma’s zijn erop gericht de leefbaarheid op het platteland te behouden en te versterken. De vrijetijdssector kan hier een belangrijke bijdrage aan leveren, doordat de lokale ondernemer zijn bestaan kan halen uit aanbod voor zowel eigen inwoners als bezoekers. Door slim gebruik te maken van deze fondsen en samen te werken met lokale en regionale partners, kunnen we innovatieve projecten realiseren die het platteland vitaal houden.
De markt vraagt om deze vernieuwing, zo blijkt uit de verkenning van NBTC. Steeds meer consumenten zoeken authenticiteit, rust en een directe verbinding met het platteland. Multifunctionele landbouw – waarbij agrarische productie wordt gecombineerd met zorg, recreatie of natuurbeheer – sluit hier naadloos op aan. Het draagt bij aan een aantrekkelijk landschap, een vitale leefomgeving en een sterke verbinding tussen boer, burger en bezoeker.
Toch zie ik dat veel goede initiatieven uit de agrarische sector niet zijn afgestemd met deskundigen uit de vrijetijdssector. Dat is een gemiste kans. Mijn advies aan agrariërs en initiatiefnemers: betrek de lokale DMO’s (destinatiemanagementorganisaties) bij de ontwikkeling van nieuwe plannen. Zij beschikken over data, kennis en netwerken om ideeën te versterken en te verbinden. DMO’s en beleidsmakers kunnen als aanjagers fungeren door ondernemers te ondersteunen, pilots te faciliteren en kennisuitwisseling te stimuleren.
Agrotoerisme is geen doel op zich, maar een middel om bij te dragen aan brede maatschappelijke opgaven: van het verkorten van de voedselketen tot het versterken van de regionale identiteit en het vergroten van de leefbaarheid. Samenwerking tussen landbouw, recreatie en beleid is essentieel om deze kansen te verzilveren.
De tijd van enkel productie is voorbij. Laten we samen bouwen aan een duurzaam beleefbaar landschap, waarin agrotoerisme een volwaardige plek krijgt – voor de boer, de bezoeker en de regio.





























































