Geplaatst op: 22-09-2021
Auteur: Susan Vermeulen en Anna Bornioli
Erasmus UPT
Publicatie: Vrijetijstudies 2021-02

Nederlandse toerisme in een Europees perspectief

Nederlandse toerisme in een Europees perspectief
Figuur 1: Overnachtingen in toeristische accommodaties per duizend inwoners (2018)

Sinds maart 2020 heeft het COVID-19 virus een vergaande invloed op het reisverkeer in de wereld. Grenzen gingen dicht, lege vliegtuigen, lange rijen bij Europese grenzen en een verlaten Amsterdamse binnenstad. Beelden die we nog nooit hadden gezien. Van een volop bloeiende en groeiende toeristische sector naar weinig klandizie. Opeens bestond overtoerisme niet meer en kregen bewoners hun binnenstad weer terug. Het was een plotselinge dreun na een periode van snelle groei. Dit zorgt voor een goed moment om te reflecteren op de Nederlandse positie in het Europees toerisme in de periode 2008 – 2018. Welke patronen zijn zichtbaar? Welke lessen kunnen worden geleerd? Waar zitten de regionale verschillen? En hoe kunnen een meer duurzame groei realiseren voor de komende tien jaar?

Susan Vermeulen, onderzoeker Stedelijke Economie en Transporteconomie, Erasmus UPT, Burgemeester Oudlaan 50, 3062 PA Rotterdam, s.j.vermeulen@ese.eur.nl
Anna Bornioli, senior onderzoeker Stedelijke Economie en Transporteconomie, Erasmus UPT bornioli@ese.eur.nl
Giuliano Mingardo, senior onderzoeker Stedelijke Economie en Transporteconomie, Erasmus UPT, mingardo@ese.eur.nl

1 Inleiding

Voor het Horizon 2020 project SMARTDEST is een verkenning gemaakt van de trends van toerisme en sociale onevenwichtigheden op regionaal niveau over de periode 2008 – 2018.Het doel van dit artikel is het identificeren van aandachtspunten om een duurzame groei te creëren in de toeristische sector in de komende jaren. Eerst zal de Europese situatie worden geschetst. Dit wordt gedaan aan de hand van verschillende indicatoren, zoals het aantal overnachtingen per duizend inwoners, uitwisselingsstudenten, korte termijn verhuur en de verhouding van overnachtingen door internationale bezoekers. Aan de hand van deze indicatoren kunnen we de toeristische druk in kaart brengen op Europees niveau. Vervolgens zal er worden gefocust op de verhoudingen tussen de Nederlandse provincies in vergelijking met de Europese situatie. Daarna zullen we proberen de impact van COVID-19 te beschreven aan de hand van de data over de overnachtingen en de verhouding van internationale bezoekers.Als laatste wordt gekeken welke aandachtspunten we kunnen meenemen in de toekomst.

2 Toeristische druk in Europa

Het aantal overnachtingen per duizend inwoners kan een indicatie zijn van de druk van toerisme op de bevolking. In Figuur 1 is een duidelijk geografisch patroon zichtbaar. De druk is hoger in kustregio’s, voornamelijk rondom de (west-) mediterrane regio’s, in berggebieden en in hoog stedelijke gebieden.Er zijn nog steeds grote verschillen tussen Oost-Europa en West-Europa. Oost-Europa is nog lang niet op gelijke voet met West-Europa.In de periode 2008-2018 is een groei van het aantal overnachtingen van 31% waargenomen in Europa. In absolute aantallen groeide voornamelijk Zuidelijke en Mediterrane gebieden, eilanden en hoofdsteden, oftewel de "usual suspects” van vakantiebestemmingen. Toch, als we naar de relatieve groei kijken, is een inhaalslag waargenomen bij nieuwe bestemmingen, zoals Oost-Europa, Portugal, Benelux, Verenigd Koninkrijk en IJsland. In steden, zoals Amsterdam, Berlijn, Brussel en Lissabon groeide het toerisme ook sterk in relatieve aantallen.

Figuur 2: De groei in het aantal overnachtingen in toeristische accommodaties in de periode (2008 - 2018)

Figuur 2: De groei in het aantal overnachtingen in toeristische accommodaties in de periode (2008 - 2018)

Naast overnachtingen kunnen uitwisselingsstudenten ook voor extra druk op een regio zorgen. Toch, als we de data van Erasmus studenten per duizend inwoners bestuderen, zien we geen correlatie met de algemene toeristische druk (het aantal overnachtingen per duizend inwoners). Er zijn voornamelijk veel Erasmus studenten in Scandinavische gebieden, IJsland, Baltische staten, Noord-Italië, Denemarken, Nederland en grote steden zoals Parijs, Madrid en Berlijn. Over de periode 2013-2018 zijn geen grote veranderingen waargenomen in deze data. 

De laatste jaren heeft het fenomeen korte termijn verhuur op digitale platformen, zoals Airbnb, Vrbo (HomeAway), een enorme invloed gehad op de toeristische sector. Het is niet duidelijk of dit fenomeen verwerkt zit in de officiële statistieken van overnachtingen in toeristische accommodaties. Op basis van data over Airbnb waren we in staat een soortgelijk patroon te identificeren als in de officiële statistieken. Er vinden vooral veel overnachtingen plaats in het kustgebied en stedelijke gebieden, waaronder Zuid-Europa, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Denemarken.

Ten slotte, focussen we op het aandeel internationale bezoekers op de totaal bezoekers. We kunnen constateren dat sommige toeristische gebieden meer internationale bezoekers dan andere Europese gebieden hebben. Dit zijn voornamelijk eilanden en grensregio’s, waaronder Ierland, IJsland, Kroatië, Baltische staten en verschillende Italiaanse regio’s. In de periode van 2008-2018 neemt de verhouding van internationale overnachtingen toe in de landen, IJsland, Verenigd Koninkrijk, Portugal en Griekenland, terwijl Frankrijk juist een afname heeft in het aandeel internationale overnachtingen. 

3 Toeristische druk in Nederland

Nu een algemeen beeld van de toeristische druk van Europa is geschetst, zal er verder worden gefocust op Nederland. Uit de Europese analyse van alle indicatoren lijkt Nederland in de Europese middenmoot te zitten. Er zijn wel regionale verschillen zichtbaar. Het aantal overnachtingen per duizend inwoner (Figuur 1) laat zien dat een aantal provincies sterk boven het Europees gemiddelde liggen. Kijkend naar de groei in overnachtingen over de periode 2008-2018, zit Noord-Holland sterk boven het Europese gemiddelde. Bovendien is opvallend is Nederland relatief veel Erasmus studenten heeft per duizend inwoners. Om de verschillen per regio verder te duiden zullen we in de volgende secties per onderdeel verder in detail treden.

Overnachtingen

In Tabel 1 zijn regionale verschillen zichtbaar in het aantal overnachtingen per 1000 inwoners. De provincies, Zeeland, Noord-Holland, Friesland, Limburg en Drenthe liggen sterk boven het Europees gemiddelde. Zeeland heeft het hoogste aantal overnachtingen per duizend inwoners, namelijk 27.449 overnachtingen per jaar per duizend inwoners. In Brabant ligt het aantal overnachtingen rond het Europese gemiddelde. Het aantal overnachtingen per duizend inwoners ligt in Utrecht, Groningen en Zuid-Holland onder het Europees gemiddelde, respectievelijk op 2.426, 3.133 en 3.161.

Figuur 3: De verdeling van het Airbnb aanbod in Nederlandse provincies (2018)

Figuur 3: De verdeling van het Airbnb aanbod in Nederlandse provincies (2018)

Net als in Europa is het aantal overnachtingen in Nederland gegroeid in de periode 2008-2018. De algehele groei in Nederland ligt hoger dan het Europees gemiddelde (32%), namelijk op 37%. In geen enkele provincie is een daling geconstateerd. In Figuur 2 is zichtbaar dat een groot deel van de provincies een soortgelijke groei heeft meegemaakt als het Europese gemiddelde, namelijk een procentuele stijging tussen 25 – 36% in het aantal overnachtingen per duizend inwoners. In de provincies, Utrecht, Noord-Brabant, Gelderland en Limburg ligt de groei net onder het Europees gemiddelde, maar in deze provincies is nog steeds een stijging van 13 – 20% waargenomen. In Zeeland en Noord-Holland is de druk van het toerisme op de bevolking de afgelopen 10 jaar nog sterker toegenomen dan in de andere provincies, met een toename van respectievelijk 40% en 57%.

Studenten

Nederland heeft relatief veel Erasmus studenten vergeleken met Europese gebieden. Opvallend is het hoge aantal Erasmus studenten in Groningen. Dit ligt namelijk op 2.5 Erasmus studenten per duizend inwoners, terwijl dit in de andere provincies rond 0.5 Erasmus studenten per duizend inwoners ligt. Als je dit in Europees perspectief plaatst dan zijn alleen de regio van Praag en het Noordse Trøndelag met meer Erasmus studenten per duizend inwoners. Een kanttekening moet hierbij gezet worden. Dit zijn niet alle uitwisselingstudenten zijn, maar alleen studenten waarbij beide universiteiten zijn aangesloten op het Erasmus programma. Naast Groningen zijn ook andere regionale verschillen waargenomen, waarbij, logischerwijs, provincies met universiteiten over het algemeen meer Erasmus uitwisselingstudenten per duizend inwoners ontvangen dan provincies zoals Zeeland en Flevoland waar geen grote universiteit aanwezig is.

Korte termijn verhuur

Net zoals bij de uitwisselingstudenten zijn voor het verhuur van korte termijn accomodaties op deelplatformen duidelijke verschillen te zien in de verhoudingen tussen Nederlandse provincies. In Nederland waren 78,122 actieve Airbnb’s in 2018, waarvan 52.9% in Noord-Holland en 13.7% in Zuid-Holland (Figuur 3). Niet in alle Europese landen vind je een ongelijke verdeling van het Airbnb aanbod zoals in Nederland. Een soortgelijke verdeling kan je ook vinden in landen zoals Hongarije (Budapest), Denemarken (Kopenhagen) en Tsjechië (Praag). In andere Europese landen is het aanbod gelijker verdeelt en lijkt de verdeling sterk op de geografische patronen van het aantal overnachtingen in toeristische accommodaties.

De commercialisering van korte termijn accomodaties op deelplatformen wordt vaak genoemd als een bedreiging voor de leefbaarheid in een regio. Deze platformen zijn opgericht voor peer-to-peer verhuur van appartementen en kamers. Je verhuurt jouw huis als je op vakantie bent. De vercommercialisering van deze platformen houdt in dat de verhuur niet meer plaats vindt van een individu naar individu, maar dat een commerciële aanbieder verhuurt aan een individu. Dit is een structureler aanbod van korte termijn accomodaties. Deze commercialisering kan mogelijk huizen wegnemen van de huizenmarkt. Een indicator voor een commerciële aanbieder kan de hoeveelheid Airbnb’s per aanbieder zijn (multihost).In Nederland zijn er relatief weinig aanbieders aanwezig met meer dan 5 Airbnb’s. Dit ligt gemiddeld tussen de 1.5 – 2.5%. In Friesland, Zeeland en Limburg ligt het percentage iets hoger, namelijk boven de 3%. Deze provincies liggen rondom het EU gemiddelde, terwijl de overige provincies (sterk) onder EU-gemiddelde zitten. Dit percentage ligt hoger in andere delen van Europa, zoals Spanje, Portugal, Italië en Kroatië. Het regionale beleid met betrekking tot het aanbieden van commerciële Airbnb’s kan veel invloed hebben op dit aandeel. Dit beleid kan van nationaal tot gemeentelijk verschillen.

Internationale toeristen

Het aandeel van internationale toeristen is niet evenredig over Nederland verdeeld. De kustprovincies, Noord-Holland, Zeeland en Zuid-Holland hebben een relatief hoog aandeel van overnachtingen door internationale gasten, respectievelijk 68%, 55% en 49%. De provincies Gelderland, Drenthe en Overijssel hebben juist een relatief laag aandeel internationale bezoekers, namelijk tussen de 14-16%. De overige provincies hebben een aandeel tussen de 20-33%. De provincie Noord-Holland is een van de regio’s in Europa die veel internationale toeristen ontvangt. Dit komt hoogstwaarschijnlijk door de aantrekkingskracht van Amsterdam. Dit pas ook in het Europese beeld dat hoofdsteden een groot deel van internationale bezoekers ontvangen.Als 2008 met 2018 wordt vergeleken dan vindt er een verschuiving plaats in de verhouding internationale toeristen op het totaal aantal toeristen. Deze verhouding is in alle Nederlandse provincies gestegen, variërend tussen de 3 en 10 procentpunt, met als uitschieter Zeeland die een toename van 15 procentpunt zag.

4 Impact COVID-19

Sinds de uitbraak van COVID-19 is het aandeel internationale toeristen drastisch gedaald. We maken gebruik van data over overnachtingen in toeristische accommodaties van het CBS om een eerste impact van COVID-19 te analyseren. In figuur 4 zijn duidelijke verschillen op provinciaal niveau zichtbaar. Als je de het aandeel internationale bezoekers van Q2 2020 vergelijkt met Q2 2019 valt op dat de daling veel groter is in provincies met veel steden, zoals Noord-Holland, Zuid-Holland & Utrecht. In provincies met relatief veel platteland is de daling minder sterk. Dit kan mogelijk komen doordat toeristen drukte probeerden te vermijden, waardoor stedelijke gebieden minder aantrekkelijk werden om te bezoeken. In de zomer van 2020 trok niet alleen het aandeel internationale bezoekers aan, maar steeg het aantal overnachtingen met 235-379% ten opzichte van Q2 2020. Opvallend is dat Noord-Holland en Zuid-Holland relatief snel herstel ervaren in aantallen overnachtingen en in het aandeel internationale bezoekers. In sommige provincies, Noord-Brabant en Limburg, was geen effect zichtbaar van herstel van het aandeel internationale bezoekers in de zomer. In september 2020 kwam de tweede golf en het aandeel buitenlandse bezoekers zakte nog verder in. Deze verdere dip kan deels ook verklaard worden doordat het aandeel internationale bezoekers lager ligt in het vierde kwartaal.

Figuur 4: Het aandeel internationale overnachtingen in de periode 2019-2020 in kwartalen

Figuur 4: Het aandeel internationale overnachtingen in de periode 2019-2020 in kwartalen

5 Hoe nu verder?

Het herstel van de toeristische sector hangt sterk af van het verloop van COVID-19, de vaccinatiesnelheid, seizoenseffecten en de (lokale) versoepelingen, maar het herstel in zomer 2020 geeft hoop. Het plan van het EU COVID-19-Certficiaat, in de volksmond ook wel het coronapaspoort genoemd, is vergevorderd en moet reizen binnen de EU bevorderen. In de Nederlandse provincies zijn veel verschillende de trends te ontdekken, waardoor het herstel per provincie mogelijk anders zal verlopen. De kustgebieden hebben een sterker internationaal karakter dan andere provincies. Het is lastig te voorspellen hoe het herstel zal gaan lopen. Afhankelijk van het behoud van de anderhalve meter-maatregel zal er mogelijk meer op spreiding moeten worden ingezet om afstand te bewaren in sommige plaatsen. Zodra de grenzen weer opengaan, zal het herstel zeker starten. 

Maar het belangrijkste is dat er zal moeten worden gereflecteerd wat duurzame lange termijn groei van toerisme is. Dit kan per provincie verschillen. Op basis van de analyse van de afgelopen tien jaar stippen wij een aantal aandachtspunten voor duurzame lange termijn groei aan. De periode van 2008 - 2018 zag een gemiddelde groei in overnachtingen van 37%, bovendien herstelde het aantal overnachtingen van Q3 2020 met 235-379% ten opzichte van Q2 2020. In het beleid zal een duidelijke indicator voor duurzame groei moeten worden vastgesteld. Dit kan verschillen per provincie en over tijd. Het herstel zal mogelijk snel gaan, zoals de groei van Q3 2020 liet zien. Maar wat is het lange termijn doel? Profielen van bezoekers, internationaal of nationaal, kunnen ook als indicator worden gebruikt. Welke balans past het beste bij een provincie? Is het noodzakelijk om terug te keren naar pre-COVID niveau? Bovendien zal de korte termijn verhuur op deelplatformen goed moeten worden gemonitord. Nu is dit oneerlijk verdeeld in Nederland, maar het is niet duidelijk hoe de ontwikkeling hiervan zal lopen. Bovendien lijkt de commercialisering van korte termijn verhuur accommodaties nog geen grote rol in Nederland te spelen, maar het is goed om dit te blijven monitoren en om duidelijk grenzen te stellen. Deze aandachtspunten kunnen worden ingezet om toerisme te blijven monitoren, zo kan beleid tijdig worden aangepast om duurzame lange termijn groei te realiseren.

Trefwoorden: toerisme, inkomend toerisme, Europees toerisme, corona, crisis, reset, transitie

||| Blogs |||

25/11/21
Verduurzaming Toerisme in Nederland moet sneller
Jos Vranken en Martin Cnossen nodigen de sector uit om een duurzame versnelling in te zetten.
08/11/21
Gooi je oude schoenen niet te vroeg weg
Bij de oprichting van je bedrijf is je concept cruciaal. Wat is je product, wie behoort tot de doelgroep, welke prijs vraag je, wat is het onderscheidend vermogen, wat is de toegevoegde waarde van je bedrijf? En nog 10 vragen uit het boekje voor beginners. Als een bedrijf eenmaal draait lijkt het allemaal vanzelf te gaan toch? Niet is minder waar natuurlijk. Waar wij de echte uitdaging zien is als een bestaand bedrijf wil of moet transformeren naar een ander of aanvullend concept. De winkel verbouwen als het ware, terwijl die wel open moet blijven.
14/10/21
Varkens in nood op Lisboa Airport
Claustrofobie. Je vraag er niet om. Dat heb je, of niet. En fijn is het geenszins. Hele kleine liften? Ik neem de trap wel. Al is die 10 verdiepingen hoog. Grote mensenmassa’s? Ik vermijd ze liever. - Marcel Baltus komt terecht in terminal 2 van Lisbon Airport en krijgt veel waardering voor Schiphol.
20/09/21
New opportunities arise
New opportunities arise
20/09/21 · · Roland Kleve | Lees meer
This edition, with many in-depth articles, highlights the past corona period (what hit us?) but also looks ahead and focuses on new opportunities for our ‘new normal’. Here is an assembly of passioned articles written by our lecturers, students and industry partners.
16/07/21
Van duurzaam herstel naar  een duurzame sector
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) meldt (21 mei jl.) “wereldwijd 14 procent minder coronabesmettingen dan vorige week”. Het herstel van de gastvrijheidssector lijkt daarmee met de toenemende vaccinatiegraad ingezet. Maar of er ook daadwerkelijk sprake is van een duurzaam herstel, dat is maar de vraag ...

||| Twitter |||

||| Nieuws |||

03/12/21
Overheid hoeft de reisadviezen voor landen buiten de EU niet aan te passen
Het ministerie van Buitenlandse Zaken hoeft de reisadviezen voor landen buiten de Europese Unie niet aan te passen. Het verschil dat in de adviezen wordt gemaakt tussen landen binnen en buiten de EU is niet onrechtmatig. Dat heeft de rechter in kort geding bepaald.
03/12/21
HISWA-RECRON eert leden
HISWA-RECRON heeft tijdens haar Algemene Ledenvergadering drie leden in het zonnetje gezet. Vice-voorzitter Cees Slager werd benoemd tot Erelid, Jos de Punder en Eric van der Wansem tot Lid van Verdienste.
03/12/21
Vakantiebeurs weer afgelast
De Vakantiebeurs, die van 12 tot en met 16 januari 2022 zou plaatsvinden in de Jaarbeurs in Utrecht, is afgelast. Ook de vakdag op 11 januari gaat niet door. Het Travel Congress gaat wel door maar in een online editie.
02/12/21
Utrechtse Heuvelrug voert verplicht Ruitervignet in
Ruiters en menner moeten met ingang van 1 januari 2022 op de Utrechtse Heuvelrug een Ruitervignet aanschaffen. Een bijzondere stap om het onderhoud van de ruiterpaden te bekostigen.
02/12/21
“Het beantwoorden van reviews beïnvloedt verkoopcijfers”
Bijna iedereen leest wel eens reviews op het internet. Die reacties (en de manier waarop een onderne...
02/12/21
Staycation weer populair: 70% Nederlandse vakantiehuizen bezet door Nederlanders
Met de groeiende onzekerheid rondom de coronamaatregelen kiezen Nederlanders weer steeds meer voor e...
02/12/21
Exclusief voor leden
Kasteel Hoensbroek kaapt Museumprijs weg voor Volkenkunde en Amsterdam Museum
Vanmorgen werd Kasteel Hoensbroek, tijdens de live uitzending van Koffietijd, verrast met het nieuws dat het met een overtuigende 41% van de publieksstemmen (27.745 stemmen), de VriendenLoterij Museumprijs 2021 in de wacht heeft gesleept.
02/12/21
Bouw van nieuw centrumgebouw op Vakantiepark Beekse Bergen gestart
Op Vakantiepark Beekse Bergen wordt sinds enkele weken hard gewerkt aan de bouw van het ni...