Geplaatst op: 01-01-2020
Auteur: Ton Vermeulen
NRIT

Watersport moet zichzelf opnieuw uitvinden

Interview met Rob Vrolijks over de toekomst van de watersport

Watersport moet zichzelf opnieuw uitvinden
Rob Vrolijks viert dit jaar 25 jarig jubileum als adviseur in recreatie en toerisme. In die jaren heeft hij zich steeds meer toegelegd op de waterrecreatie en werd zo betrokken bij honderden watersportprojecten. Rob heeft een uitgesproken mening over de toekomst van de watersport die hij graag met onze lezers wil delen.   

We spreken af op het kantoor van Vrolijks in Breda. En die Brabantse stad op de hoge zandgrond is, met alleen een klein plaatselijk riviertje, best wel een rare locatie voor een adviesbureau in de watersport. "Breda is de beste locatie voor een watersportadviesbureau die er is”, repliceert Vrolijks direct. "Ik werk voor projecten in Limburg, Overijssel, Noord- en Zuid-Holland, Zeeland en Vlaanderen. Breda is dan de meest centrale plek die je maar kunt hebben. Binnen twee uur rijden zit ik overal.” 

Rob Vrolijks
Rob Vrolijks is geboren in Waalre, een Brabants dorpje net onder Eindhoven. Hij heeft de watersport met de paplepel ingegoten gekregen want ze hadden thuis een zeilbootje op een trailer waarmee op de Limburgse Maasplassen werd gevaren. Toch wilde hij al vanaf de middelbare school campingbaas worden en koos bijna vanzelfsprekend voor de NHTV waar zijn stages en eindscriptie in het teken van campings stonden. Hij wist zijn droom te verwezenlijken en werd na zijn studie bedrijfsleider van twee campings. Rob ging vervolgens bij de Kamer van Koophandel in West-Brabant aan de slag als bedrijfsadviseur voor de toeristische sector. Toen de KvK na vier jaar haar taakveld in dit domein wilde afbouwen, was dat voor Rob een uitgelezen moment om voor zichzelf te beginnen. Hij werd adviseur in zowel watersport als de verblijfsrecreatie. In de loop der tijd bleek dat hij als adviseur in de watersport meer kon betekenen in de relatie tussen overheid en bedrijfsleven verschoof het accent van zijn bureau volledig naar de watersport. Nu is hij samen met Waterrecreatie Advies van collega Reinier Steensma één van de twee toonaangevende Nederlandse adviesbureaus voor de watersport.  

Vrolijks is al 25 jaar actief in de watersport. Heeft hij jachthavens in die periode veel zien veranderen?"
Als 25 jaar geleden iemand aan mij vroeg of er markt was voor een jachthaven dan was het antwoord altijd volmondig, ja. Maar dan zei die persoon, ‘ik heb nog niet verteld waar’, dan zei ik ‘dat maakt niet uit’. Want er was een enorm tekort aan ligplaatsen en dat betekende dat mensen geen boten kochten omdat ze geen ligplaats hadden. Het knelpunt zat bij havens en als je dat kunt oplossen, is dat altijd goed. In 2008 stokte Nederland als gevolg van de wereldwijde crisis en stokte ook de watersport. Iedereen dacht dat als mensen de aankoop van een huis of auto uitstellen, ze allicht de aankoop ook van een boot uitstellen, en het na de crisis vanzelf weer goed zou komen. Maar de jaren daarna bleek dat er veel meer in de watersport aan de hand was. Jarenlang hebben we gedacht dat vergrijzing een kans was voor de watersport, de zogenaamde verzilvering. Maar we hebben niet beseft dat mensen die grijs worden uiteindelijk zo oud worden dat ze stoppen met watersporten en nieuwe ouderen niet tot de watersport toetreden. Er is in mijn optiek onvoldoende aandacht geweest voor de groei van onderaf. Dat betekent dat je nu in een krimpmarkt zit en de situatie helemaal anders is. Waardoor de locatie -zoals bij andere sectoren- super essentieel aan het worden is. Jachthavens op B-locaties en havens die geen heel specifiek segment aanspreken, zijn ineens veel minder aantrekkelijk.” 

Wat zijn goede watersportlocaties?
"Goede watersportlocaties zijn allereerst eenvoudig zodat iedereen kan er varen. Doordat we steeds minder recreatievaartuigen bezitten en steeds meer lenen of huren, zie je dat er steeds minder ervaring op het water zit. Daarmee wordt bijvoorbeeld de Westerschelde een moeilijk vaarwater want er zijn niet zoveel mensen die daar kunnen varen. Terwijl iedereen met een sloep kan varen op de Loosdrechtse Plassen. Er zit gewoon een autostuur in, er zijn geen rare stromingen en als je overboord valt is het niet zo diep. Een goede watersportlocatie moet ook dichtbij bevolkingsconcentraties liggen want de timeslots die we beschikbaar hebben voor onze recreatie worden steeds kleiner. Dat betekent dat de tijd ernaartoe belangrijk wordt. Vervolgens is variatie heel belangrijk; dat je vanuit de jachthaven verschillende bestemmingen kunt kiezen en diverse activiteiten kunt ondernemen. De ene keer wil je de natuur in en de andere keer wil je varen naar het eerstvolgende terras waar ze bier verkopen. Die variatie moet er zijn. Saaie watersportgebieden zijn watersportgebieden waar alles hetzelfde is, waar je heel lang naar toe moet rijden en waar je heel lang naar een leuk punt moet varen.”  

Waarom stokt de aanwas van watersporters?
"Ik zie daarvoor diverse oorzaken. Ten eerste is watersport traditioneel iets dat je van huis uit meekrijgt. Er zijn relatief weinig watersporters die er thuis niets mee hadden. Als daarbovenop nog eens niet iedereen die van huis uit watersport meekrijgt, blijft watersporten, wordt de sector steeds kleiner. Het tweede is dat we een dusdanig versnipperde vrije tijd hebben dat het bezitten van een duurzaam, relatief duur recreatiegoed waar je al je vrije tijd instopt, minder populair is geworden. Dat zie je ook in andere sectoren maar vooral in de watersport. Vroeger hadden mensen een boot, klusten daar in de winter vol passie aan, gingen ieder weekend naar de boot en ook alle vakanties werden op de boot doorgebracht. De hoofdvakantie was drie weken op de Grevelingen of door Friesland tuffen. Het hele recreatiepatroon was gebouwd om dat ding en dat is niet meer. Want mensen hebben ook nog behoefte aan een zonvakantie in Spanje, een skivakantie in Oostenrijk, een vriendenweekend bij Center Parcs, en we gaan ook nog met opa en oma weg. Onze weekenden en vakanties zijn kortom veel drukker en voller waardoor steeds minder mensen al hun vrije tijd en financiële middelen in een boot stoppen.” 

Dat is best wel een somber perspectief, wat is de oplossing? 
"De sector moet goed kijken hoe ze mensen kunnen laten instromen. Bij die instroom is het bezitten van een boot minder belangrijk want het gaat vooral om het gebruiken van de watersportmogelijkheden. Dat betekent dat de shift van bezit naar gebruik een hele essentiële is. Daarnaast moeten havens zichzelf opnieuw uitvinden door te kijken naar hun verdienmodel. Wat kan mijn toegevoegde waarde voor de consument zijn?”  

Hoe krijg je dan niet-watersporters op het water?
"De watersport is van huis uit een hele technische sector die heel erg focust op de boot en niet wat je met een boot kunt beleven. Als je een recensie van een nieuwe boot leest, zie je niet hoe die boot barbecuet maar hoe goed die boot vaart. Toch zie ik wel verandering. De campagne ‘Welkom op het Water’ was echt een verademing omdat die gaat over mensen. Er worden alleen maar mensen gefilmd en die mensen hebben plezier. Dat drijfding doet er helemaal niet toe.” 

Is er voor mensen die nog nooit hebben gevaren niet een enorme drempel om te gaan varen? 
"Dat ligt heel erg aan het gebied. In Giethoorn is er niemand die denkt dat hij niet kan varen. Iedereen kan daar varen, je ziet Japanners, Chinezen, Arabieren en Nederlanders door de smalle grachten punteren.  Ook in gebieden als de Loosdrechtse Plassen, het Westeinder of Maasplassen is varen heel erg laagdrempelig.” 

De opgave is dan dat over te brengen.
"In Limburg hebben we dus heel veel energie gestoken in het overtuigen van de Limburgers dat ze voor een boot echt geen vaarbewijs nodig hebben. Want een boot moet wel heel snel of heel groot zijn, wil daar een vaarbewijs voor vereist zijn. Je kunt dat ding eenvoudig huren en morgen met je familie een leuk dagje op het water doorbrengen. En als je niet kunt varen, ga je niet de Maas op maar blijf je lekker op de twee plassen. Als je de oever blijft volgen kom je vanzelf weer in de jachthaven terug.”  

Over Limburg gesproken, moeten de Duitsers de Nederlandse watersport redden?
"Dat doen ze voor een deel al jaren. Groot voordeel is dat er in ieder geval heel veel Duitsers zijn. Wat je ziet is dat Duitsers in de grootzeilerij vooral in de Oostelijke IJsselmeer zaten, maar ook daar zie je dat timeslots verkleinen en dagvaren en dagrecreatie steeds belangrijker wordt. En daarmee is ineens het Limburgse Maasplassengebied een super kansrijke watersportregio, want binnen twee uur rijden wonen daar 10 miljoen Duitsers. En dan vinden Amsterdammers, dat Roermond heel ver weg is maar dat vinden ze in Düsseldorf niet. Het perspectief van Limburg zit veel meer naar het Oosten.”  

Moet je een jachthaven niet veel meer zien als een camping in het water?
"Ik merk dat mijn ervaring in de recreatie langzaam maar zeker weer te pas gaat komen. De shift die campings ooit gemaakt hebben van de verhuur van grasveldjes met elektrazuiltjes naar allerlei vormen van ‘hotellerie de plein air’ zoals de Fransen het noemen, is een ontwikkeling die in havenland ook nodig is. Maar je ziet dat heel veel havens nog op het traditionele verdienmodel van de verhuur van vierkante meters zitten. Binnen-droog, buiten-droog en buiten-nat, en dan heb ik ook nog een kraan wat zes tientjes kost om die boot te takelen en dat is mijn verdienmodel. Maar ondertussen zijn er mensen die ontzorgd willen worden met hun boot en dan moet je als jachthaven nadenken wat kun je doen om je klanten te ontzorgen. Je zou die boot kunnen poetsen, zorgen dat de koelkast is gevuld, enzovoorts.”  

Willen watersporters wel betalen voor al die extra service?
"Watersport is geen eliteactiviteit maar op de havens lopen wel een paar centjes rond. Die mensen zijn bereid te investeren in kwaliteitsvrijetijd. Is kwaliteitsvrijetijd je sloep opschuren? Nee. Dus moeten jachthavens kijken hoe ze met aanverwante producten en diensten in de recreatieve en technische sfeer die bootbezitter kunt ondersteunen. Maar ze moeten ook kijken naar al die andere Nederlanders die geen bootbezitter zijn maar wel ergens een liefde voor bootjes en het water hebben en dat leuk zouden vinden.” 

Kan een jachthaven een camping op het water worden?
"Een van de mooiste bewijzen dat een jachthavenomgeving nog steeds heel erg gewaardeerd wordt, is dat vrijwel alle camperplaatsen bij havens een succes worden. Dat komt omdat mensen graag aan de waterkant staan. Ze zetten de neus van de camper naar het water toe, de stoeltjes ernaast en als ze aan het eten zijn, kijken ze uit over de haven. Hoe vrij kun je zijn? Dat betekent, dat mensen die niks met bootjes hebben, die omgeving erg waarderen. Denk op dat concept door en je komt al gauw tot allerlei vormen van drijfverblijf die dat gevoel faciliteert.”  

Kan dat allemaal zomaar. Of heeft de overheid daar nog wat over te vertellen?
"Zoals in alle sectoren van toerisme heeft de overheid relatief veel macht over het assortiment. Als ik een winkelpand heb en ik verkoop schoenen en we besluiten in Nederland niet meer op schoenen te gaan lopen maar op sokken, dan ga ik morgen sokken verkopen. Er is geen overheid die tegen mij zegt, ‘dat mag niet want u was een schoenenwinkel’. Maar in recreatieland is het zo dat je een camping, bungalowpark of jachthaven bent met het daarbij passende assortiment. De overheid stuurt mee op assortiment waardoor de vrijheid om geleidelijk te stiften naar andere vormen er niet is.”  

Zou je ideaal zijn dat ervoor zowel verblijfsrecreatie als jachthavens een meer algemene bestemming recreatie komt?
"Ik denk dat je als overheid meer moet sturen op uiterlijke verschijningsvorm en bouwintensiteiten dan dat je stuurt op dingen. Want dat doen we nu. De overheid stuurt op het ding maar dat verandert de hele tijd. De stacaravan van 20 jaar geleden lijkt totaal niet meer op het chalet of de tiny house van nu maar het is planologisch nog wel steeds hetzelfde ding. Als je gaat sturen op uiterlijke verschijningsvorm krijg je volgens mij een veel helderder beeld wat je als overheid wilt. Want de overheid is natuurlijk wel de hoeder van het landschap. Als de prachtige historische stadshaven van Goes helemaal vol zou liggen met arkjes, vinden we het niet goed. Maar als er in al die arkjes een motor zit, mag het nu wel want het is dan een boot, maar iedereen snapt dat we dat niet hebben bedoeld.”  

Waarom zou je als overheid een jachthaven in je gemeente willen hebben?
"Het is vaak een van de meest aansprekende openbare ruimtes. Als je in een vreemde stad bent en je ziet op de kaart een haven, een kerk en een plein dan zijn dat de dingen die de route bepalen. Het is ook een economische activiteit, het brengt toerisme en daarmee bestedingen en werkgelegenheid. Anderzijds heeft een jachthaven ook een plezierige kijkfunctie, het geeft levendigheid en activiteit. Het geeft bovendien een invulling van een waterpartij die in een grijs verleden vaak voor iets anders is bedacht.  De reden dat de overheid nog invloed wil houden, is omdat ze die plek wel beschouwen als het waterplein van de stad. Vergelijk het met het marktplein van een stad. Daar verkopen we de steentjes ook niet aan degene die daar terrassen wil maken. We zeggen, je mag daar terrassen plaatsen maar wel onder onze voorwaarden. Wij bepalen als overheid hoe dat totaal plein er uit ziet en jij mag er geld op verdienen. Dat is de manier hoe tegenwoordig over jachthavens wordt gedacht als het gaat om overheidsbeleid.” 

De fusie tussen Hiswa en RECRON moet je dan als muziek in de oren klinken. 
"Ik denk dat die fusie zeker voor het recreatieve deel van Hiswa een hele belangrijke is. Want de thema’s waar jachthavens, bootverhuurders en zeilscholen mee te maken hebben, zijn precies dezelfde uitdagingen waar recreatiebedrijven mee worstelen. Als we zeggen dat een haven langzaam maar zeker een verblijfsplek aan het worden is, waar ook camperplaatsen worden aangeboden, airbnb actief is, drijfarkjes worden verhuurd en boten worden gebruikt als overnachtingsplek dan is het enige verschil nog dat het ene op gras is en het andere op water. Verder is er geen verschil meer.  Wat voor Hiswa Recron wel een uitdaging is dat de botenbranche is een van de weinige branches is die helemaal kolom georiënteerd zijn in een branchevereniging. Dat betekent dat je een goed onderscheid moet maken tussen zij die dingen bouwen, ontwerpen, verkopen en repareren en zij die dingen verhuren, gebruiken of een plek geven." 

Je hebt in die 25 jaar heel wat projecten gerealiseerd. Wat zijn je meest bijzondere projecten?
"Ik denk dat de stadshavens van Maastricht en Antwerpen voor mij een opening geweest naar deze markt. En ook voor het besef dat watersport niet alleen een functie heeft voor bootjesmensen maar dat je een jachthavenontwikkeling ook kunt inzetten voor stedelijke ontwikkeling. In Antwerpen als eerste aanzet voor de ontwikkeling van het Eilandje wat een troosteloos gebied was en nu het bruisende hart van Antwerpen is. En in Maastricht als aanzet voor het gebied Belvedère waar nu echt een waterplein met volop horeca is gerealiseerd. In Amersfoort heeft de stad de sprong over het spoor gemaakt. Daar zat alleen maar industrie en lelijkheid. Daar is eerst de haven gekomen met de stadsontwikkeling daaromheen. En nu is het een volwaardige uitbreiding van het centrum. Als het gaat om meer landelijke gebieden dan is de Overijsselse Vecht een mooi voorbeeld omdat het gebied volop uitdagingen biedt en je daar constant balanceert tussen natuurbelangen en een rivier waarvan iedereen aanvoelt dat die heel veel potentie heeft voor waterrecreatie. Waar ik de laatste jaren veel heb gewerkt, is het Limburgs Maasplassengebied. Daar trof ik een situatie aan met veel cynisme van ondernemers en veel gedoe tussen ondernemers en overheden over de agenda voor de komende jaren. Er is daar dankzij een gezamenlijk nautisch programma van eisen, een adviesprogramma en een investeringsprogramma enorm veel geïnvesteerd op basis van een gezamenlijke agenda tussen overheid en bedrijfsleven.” 

Wat is er niet gelukt?"
Er is een tijd geweest dat er veel energie zat op de ontwikkeling van de Oosterschelde. Dat zat op alle sporen zoals waterstaat, natuur, visserij en recreatie. Op al die agenda’s en borden werd tegelijk geschaakt om te kijken hoe we samen verder konden komen. De provincie Zeeland had volop regie maar in de loop der tijd is dat verwaterd waardoor een landjepiksfeer aan het ontstaan is tussen mosselvissers, natuurmensen en de recreatie. Dat vind ik wel zonde.” 

Is jouw rol meer die van regisseur en minder die van dikke rapporten schrijven?
"Ik heb vaak die regisseursrol en soms is een goed rapport daar een smeermiddel in.” 

Er zijn veel klachten over te weinig harde data in de watersport. Deel jij die mening?
"Een boot is geen registergoed, daar gaat het al mis. Er is nergens geregistreerd van wie welke boot is en we weten dientengevolge ook niet hoeveel we er hebben. En dus weten we niets van de ontwikkeling daarin. Of er verschuiving is in die vloot, van groter naar kleiner. Dat weten we allemaal niet. Gelukkig is collega Reinier Steensma van Waterrecreatie Advies in dat gat gesprongen door het aan de havenkant goed te inventariseren. Maar de kosten daarvoor moeten door veel verschillende overheden worden gedragen, daardoor is een lappendeken van gegevens ontstaan die soms van 2004 en soms van 2019 zijn. Dat is jammer. Maar aan de andere kant zien we dat aan de consumentenkant, wie bent u, wat doet u, wat wilt u en hoe gedraagt u zich, de data niet altijd even betrouwbaar is omdat de celvulling te gering is. Het CVO laat wel dingen zien maar als je wilt weten hoeveel mensen tijdens een vakantie aan boord slapen in de provincie Utrecht dan hebben we een celdichtheid van 1 of 2.”   

Hoe denk je dat de watersport zich in Nederland zal ontwikkelen?
"Water trekt altijd want water geeft vrijheid en ruimte. Maar ook als we het hebben over klimaatverandering, hittestress en stedelijke intensiteiten zijn dat allemaal extra argumenten die maken dat de waterkant een super prettige recreatie-omgeving is. En hoe je daar dan recreëert, maakt niet zoveel meer uit. Of je op, in of aan het water zit. Daar zullen allemaal nieuwe varianten van komen die we nu nog niet kennen maar de omgeving is dusdanig sterk dat de waterrecreatiesector aantrekkelijk zal blijven.” 

In het kader van je jubileum heb je het boek ‘De waterkaart verklaard’ geschreven. Waarom?"
Ik heb mijn 25-jarig jubileum aangegrepen om te kijken of we de vaarkaart van Nederland in 10 lagen in de tijd uit elkaar konden trekken. Het is voor veel mensen een eyeopener dat er zoveel verschillende waterwegen zijn met elk een eigen oorsprong. Want we denken dat de Nederlandse vaarkaart al eeuwen hetzelfde is, maar dat is niet zo. Het is een indirect pleidooi dat verandering in de toekomst zorgt voor een betere en uitgebreidere waterkaart. Iedere keer als je iemand aan de hand van de topotijdreis laat zien hoe Limburg er in 1950 uitzag en nu, is die persoon enorm verbaasd. De Maasplassen waren in 1950 allemaal landbouwgrond en nu is het een enorm aaneengesloten plassengebied. En waarom? Omdat er toevallig grind zat. De Limburgers hebben het water cadeau gekregen. Maar een trekvaart is ook al heel lang geleden gegraven. En die poldervaart ook.”  
Link: https://vrolijks.nl
Topics:Watersport
Trefwoorden: watersport, toekomstvisie

||| Blogs |||

09/05/20
Van de verblijfsrecreatieparadox naar de toerismeparodie…
Deel 1 van de toerismeparodieRECRON lanceerde ooit eens de term ‘verblijfsrecreatieparadox’ waar...
26/03/20
De wederopbouw van de vrijetijdssector
Wat gaat de coronacrisis onze sector van almaar meer-meer-meer opleveren? Wat boeit onze gasten in de toekomst nu echt?
03/02/20
Overtoerisme!
Overtoerisme!
03/02/20 · Beleid · Toerisme · Hans van Leeuwen | Lees meer
Overtoerisme zal ongetwijfeld als een van de meest prominente nieuwkomers in de Dikke Van Dale worde...
13/01/20
Eenzijdige beeldvorming
Met veel bombarie trokken boeren op 4 oktober naar De Haag om te protesteren. Aanleiding voor dit pr...
03/09/19
Duurzame bestemmingen; hoe doe je dat? Op zoek naar ‘pareltjes’ uit de Oostenrijkse Alpen
Veel toeristische bestemming willen het zijn of willen het worden in de toekomst; een duurzame beste...

||| Twitter |||

||| Nieuws |||

19/10/20
Exclusief voor leden
Steden zijn onderschatte factor in herstel biodiversiteit
Steden kunnen met haar afwisselende landschap en dynamiek een belangrijke bijdrage leveren aan het herstel van biodiversiteit.
16/10/20
Exclusief voor leden
35% minder voedselverspilling door AI en slimme cameratechniek
Door gebruik te maken van kunstmatige intelligentie (AI) en machine learning, zal de tool Emirates Flight Catering (EKFC) in staat stellen om voedselverspilling automatisch te monitoren en te controleren.
15/10/20
Groot 1600 km wandelnetwerk in provincie Utrecht open
Recreatieschap Stichtse Groenlanden, Recreatie Midden Nederland en de samenwerkende gemeenten Bunnik...
15/10/20
Exclusief voor leden
Beleid om macht van grote platformen te doorbreken
Deze maatregelen moeten gaan gelden voor platforms waar consumenten of ondernemers nauwelijks omheen kunnen en die daarmee een zogenoemde poortwachterspositie hebben.
14/10/20
Gemeente moet maar liefst 15 gebreken oplossen in bestemmingsplan groei Efteling
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft vijftien gebreken in het bestemmingsplan geconstateerd.
14/10/20
Goed maatschappelijk verantwoord ondernemen lijkt van invloed op waarde van bedrijven
Helpen duurzaamheidsthema’s zoals uitstootvermindering, minder gebruikmaken van grondstoffen, het verbeteren van werknemersrelaties, beleid rondom mensenrechten en diversiteit en uitgaven aan lokale ontwikkelingsprojecten in de financiële waardering?
13/10/20
Exclusief voor leden
67% minder vliegtuigbewegingen maar 55% minder CO2-uitstoot
Tijdens de coronacrisis is de totale CO2-uitstoot door vluchten van en naar Schiphol minder gedaald ...
08/10/20
Beleid versterken cultuur en erfgoed Groningen gepresenteerd
De gemeente in de provincie Groningen trekken hier ruim 11 miljoen per jaar voor uit. Dat is te leze...