Geplaatst op: 13-12-2018
Auteur: Han Verheijden

Recreatieondernemer: generalist of specialist?

Recreatieondernemer: generalist of specialist?
Bron: Pixabay

Na de Tweede Wereldoorlog werd het verschijnsel toerisme maatschappelijk steeds belangrijker. Voor velen was deze sector nieuw en men beschouwde het werken in de vrijetijd daarom al gauw als een apart ‘vak’. Als gevolg hiervan werden vanaf de jaren zestig overal, ook in Nederland, opleidingen voor toeristisch management opgezet. Die opleidingen hadden veel succes bij jongeren die zich voelden aangetrokken door deze industrie, die men associeerde met leuke activiteiten als reizen, sport en evenementen. Ikzelf heb in die tijd gestudeerd aan het NWIT en ook nu ben ik als parttime lector aan de NHTV nog steeds betrokken bij het toeristisch onderwijs.


Er wordt mij daarom weleens gevraagd waaraan het curriculum van de toeristische managementopleidingen anno 2018 zou moeten voldoen om beter aan te sluiten bij de behoefte van het werkveld (lees: de werkgevers in toerisme en recreatie). In dat kader heb ik me onlangs weer eens verdiept in de belangrijkste ontwikkelingen waarmee toeristische ondernemers anno tot 2025 worden geconfronteerd en welke competenties voor toeristisch management doorslaggevend voor succes gaan worden. Op de eerste plaats denk ik aan de effecten van de toenemende mondialisering en internationalisering. Zowel arbeidskrachten als gasten komen uit steeds meer landen en dito culturen en dat vraagt van de ondernemers een flexibele en open houding. De manager moet in de toekomst waarschijnlijk met nog veel meer culturen communiceren dan nu en dat geldt voor zowel mensen binnen als buiten het bedrijf. De tweede factor van belang is en blijft het internet. Hierdoor is de markt in potentie immens groot, maar ook zo transparant dat bijna overal de prijzen voortdurend onder druk lijken te staan.


Deze digitale revolutie heeft dus als gevolg dat managers niet alleen kennis moeten hebben van online marketing, maar ook van instrumenten en methodes om doelmatiger en goedkoper te werken (terwijl de huidige efficiencygraad in hun eigen perceptie vaak al optimaal is). In dit kader moeten we ook de opkomst van de virtuele onderneming begrijpen. Luchtvaartmaatschappijen, zoals Ryan Air, hebben nagenoeg niemand in dienst, maar ‘huren’ hun piloten via speciale contractors. Zij bezitten ook geen vliegtuigen meer, maar leasen deze van financiële instellingen. Deze trend zien we ook bij de grote ketens in de bungalowsector: Roompot, Landal en Center Parcs willen vooral geen eigenaar zijn van de huisjes of de infrastructuur. Net als de grote hotelbedrijven concentreren zij zich op boekingen en service: gastheer zijn, zonder de ballast van grote investeringen.


Als je dit speelveld overziet, zou je gemakkelijk kunnen concluderen dat recreatieondernemers dus eigenlijk vooral generalisten worden. Ik zie dat toch genuanceerder: de betere toeristische managers zijn in mijn visie toch bovenal specialisten op het gebied van de vrijetijdsbesteding: zij begrijpen de wensen van de consument en zijn in staat voor alle gasten een aangenaam verblijf te organiseren. Die kennis en vaardigheid is een bijzonder vak met onderscheidende competenties, waarover de general manager van de koekjesfabriek of bouwonderneming beslist niet beschikt. Niet het uitvoeren van operationele werkzaamheden, maar het kneden van het juiste eindproduct binnen de juiste kostprijs maakt immers het onderscheid. Al moet je wel een beetje generalist zijn om alle uitbestedingen goed en kostenbewust te organiseren. Misschien is de recreatieondernemer daarom wel een gespecialiseerde generalist oftewel een ‘schaap met vijf poten!’ Maar dat wist u waarschijnlijk al wel uit eigen ervaring.

Trefwoorden: ondernemen, onderwijs

||| Twitter |||

||| Nieuws |||

30/07/21
Leidende tentoonstelling Fries Museum voor Arcadia bekend
De collectie Franse impressionisten uit Museum Boijmans Van Beuningen komt volgend jaar naar Leeuwarden. Het Fries Museum maakt samen met het Rotterdamse museum een grote tentoonstelling over de invloed van het Franse licht in de 19de-eeuwse schilderkunst, met landschappen van Franse meesters als Monet en Cézanne maar ook Nederlandse kunstenaars als Maris en Weissenbruch.
29/07/21
Via VR zomaar sprong naar 17e eeuw maken
Kinderen zijn gek op tijdrijzen. Het kan niet maar in het Westfries Museum in Hoorn toch weer wel. In het museum kun je extra tours boeken waardoor je via een virtual reality bril opeens door Batavia loopt in 1627. Het museum verdient ook wat extra met de tours.
26/07/21
Pop-up kunstinstallatie in Tilburg daagt mensen uit tot duurzamer leven
Duurzaam denken leidt niet altijd tot duurzaam doen. Velen weten niet waar te beginnen of onderschatten hun eigen bijdrage. Maar daar heeft Kevin van Welie iets moois op bedacht. Het is een installatie die Tilburg aan het denken zet.
22/07/21
Maritiem Museum in de zomer langer open
Nu de zomer begonnen is, pakken attractieparken de succesformule op van langere openingstijden. Dit wordt ook door de musea gezien. Het Maritiem Museum is tot en met eind augustus tot 20.00 open en biedt met het nieuwe Leuvepaviljoen een complete buitenprogrammering.
21/07/21
Verkenning voor nationaal museum slavernijverleden
Een gezamenlijke commissie van de Amsterdamse Kunstraad en de Raad voor Cultuur buigt zich de komende maanden over de plannen voor een nationaal museum slavernijverleden in Amsterdam.
19/07/21
Musea ondanks versoepelingen nog lang niet op pré coronaniveau
Nederlandse musea herstellen maar traag van de coronapandemie. In juni liepen de bezoekcijfers nog fors achter op 2019. Het achterblijvend toeristisch bezoek aan Nederland helpt ook niet. De Museumvereniging doet een dringend appèl op het demissionaire kabinet om de steunpakketten ook door te zetten in het vierde kwartaal.
08/07/21
Drents Museum verjongt raad van toezicht
De raad van toezicht van het Drents Museum heeft met ingang van 1 juli vier nieuwe leden verwelkomd: Harmen van der Hoek, Kawita Mohan, Martin Schoonheim en Ria Soedhoe.
08/07/21
Bouwplannen in strijd met UNESCO nominatie Hollandse Waterlinie
Op twee locaties zat de ontwikkeling van woningbouw en industrie te dicht op de waterlinie. Dit is in de planfase tegengehouden en nu is het afwachten of de UNESCO dit als een voldoende oplossing ziet voor de nominatie.